Werkgevers hebben moeite met strengere flexwet en zzp-handhaving
Werkgevers krijgen steeds meer moeite met het vormgeven van hun flexibele schil. Dat is de wolk van flexwerkers rond de vaste kern van werknemers in loondienst. De problemen ontstaan enerzijds door de strengere handhaving op zzp-regels en anderzijds door de komst van de Wet meer zekerheid flexwerkers. Werkgevers hebben een paar jaar geleden volmondig met beide maatregelen ingestemd, maar beginnen nu alsnog terug te krabbelen. Ze zien wel meer regels aan flexwerk (‘flex wordt minder flex’), maar niet minder regels bij vaste dienstverbanden (‘vast wordt minder vast’).
Wet meer zekerheid flexwerkers
Dat blijkt uit een onderzoek onder 126 leden van werkgeversvereniging AWVN van 9 maart. Wanneer het parlement akkoord gaat met de Wet meer zekerheid flexwerkers verwacht 58% van de respondenten dat de werkdruk van hun vaste kern toeneemt, 75% schat in dat de kosten van flexwerk hoger worden en 68% denkt dat daardoor de (administratieve) regeldruk toeneemt. Minder flexibele krachten betekent niet evenredig meer vaste dienstverbanden. Terwijl bijna driekwart aangeeft minder of zelfs helemaal geen flexwerkers meer in te zullen zetten, geeft slechts 32% van de werkgevers aan dat er meer vaste contracten komen als de Flexwet van kracht is.
Opheffen van handhavingsmoratorium Dba
Ook het opheffen van handhavingsmoratorium van de Wet deregulering beoordeling arbeidsrelaties (Dba) sinds 1 januari 2025 werkt sterk kostenverhogend. Bijna de helft van de werkgevers moet meer betalen, omdat ze zzp’ers alleen nog maar indirect inhuren via uitzending of detachering. Het doel van meer vast en minder flex wordt volgens de AWVN niet gehaald. De helft van de werkgevers heeft zzp’ers een vaste aanstelling aangeboden, maar die blijken daar vaak niet voor voelen. Slechts 6% van de werkgevers geeft aan dat zzp’ers bereid zijn om in loondienst te komen.