Nieuws
Laatst gewijzigd op: 21 juli 2026 | Geschreven door: Redactie Performa HR

Wettelijk recht op stagevergoeding in zicht

Het zit al jaren in het vat en nu lijkt het er toch van te komen: de wettelijke stagevergoeding. Er ligt een wetsvoorstel voor de invoering hiervan. De hoogte van de vergoeding wordt op sector of bedrijfsniveau bepaald in overleg met de sociale partners. Dat staat in de hoofdlijnenbrief wetsvoorstel stagevergoedingen en kwaliteit stages mbo, hbo, wo die Rianne Letschert, minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap begin deze maand naar de Tweede Kamer stuurde.

Geen wettelijk minimumbedrag

Het wetsvoorstel bevat geen vaststelling van een wettelijk voorgeschreven minimumstagevergoeding. De minister kiest hiervoor omdat een wettelijk verplichte stagevergoeding met een minimumbedrag kan leiden tot een afname van het aantal stageplekken voor studenten. Dit risico speelt vooral in bepaalde sectoren, bij kleine bedrijven en bij stages voor de lagere mbo-niveaus (de entree-opleiding en mbo-2). Ook krijgen werkgevers geen wettelijke verplichting tot het betalen van een stagevergoeding.

Afspraken in Stagepact

Het wetsvoorstel gaat vergezeld van concrete actiepunten in het Stagepact 2026-2027. Daarin is het uitgangspunt afgesproken dat de in de cao’s gemaakte afspraken over vergoedingen gelijk zijn voor mbo-, hbo- en wo-studenten. In steeds meer cao’s zijn de stagevergoedingen al gestegen, van 10% in 2023 naar 24% van de cao’s in 2025. Ondanks dat steeds meer cao’s afspreken over stagevergoedingen bevatten, is het aantal studenten dat een stagevergoeding krijgt nauwelijks gestegen.

Behalve het ontbreken van een vergoeding, vragen meer zaken rond stages om aandacht. Zo laat de kwaliteit vaak te wensen over, is het onderscheid tussen werk en stage en het doel van de stage is niet altijd duidelijk komt stagediscriminatie nog steeds voor. De minister wil daarom minimale eisen in de wet opnemen voor de stageovereenkomst. Daarin moeten afspraken staan over het doel van de stage en over de begeleiding van studenten door de onderwijsinstelling en het stagebedrijf.

Weinig tijd voor bijbaan

Het voornemen voor een wettelijk recht op stagevergoeding was al opgenomen in het Coalitieakkoord. Vooral mbo-studenten zouden de dupe zijn van het ontbreken van een wettelijke regeling. Het merendeel ontvangt geen stagevergoeding, terwijl ze wel werkzaamheden uitvoeren die alleen door vakvolwassen werknemers mogen worden gedaan. Een stagevergoeding zou ook nodig zijn omdat studenten tijdens hun stage veel uren maken, waardoor er weinig tijd overblijft voor een bijbaan.